Tricky taalvalkuilen: doe de test

di 15 augustus 2017 | Lotte

D, t of dt? Als of dan? Hen of hun? Het Nederlands zit vol met taalvalkuilen en twijfelwoorden. Wat zijn de meest gemaakte fouten? Hoe scoor jij op deze punten? Lees meer over tricky taalvalkuilen, doe de test en verover een mooie plaats in het Huurwoordenaar-taaltestklassement.

Wat zijn de meest gemaakte fouten in het Nederlands? De meningen verschillen, maar op grond van mijn ervaring als copywriter / redacteur is dit mijn top 5:

  1. d, t of dt
  2. spatiegebruik
  3. enkel- of meervoud?
  4. internationale werkwoorden
  5. als of dan

Hoe zit dit voor jou? Laveer jij moeiteloos tussen steile spellingsklippen door of stap jij werkelijk in alle taalvalkuilen? Doe eerst onze taaltest en lees daarna onderstaande uitleg. Of speel vals en doe het andersom ;)

1. D, t of dt

Met stip op een: is het d, t of dt? De dt-fout is de meest gemaakte fout. Tegelijk is het de fout waar mensen (dus ook jouw klanten) zich het meest aan ergeren. Het loont dus om hier scherp op te letten en je tekst altijd te laten nalezen door een collega. Het voert te ver om hier uit te leggen hoe de regels werken. Een heldere uitleg vind je op beterspellen.nl. Doe er je voordeel mee!

2. Spatiegebruik

Los of aan elkaar? Is het ‘lange termijn planning’ of toch ‘langetermijnplanning’? Inderdaad, het laatste is juist. In het Nederlands schrijven we veel woorden aan elkaar. Als dit problemen met de uitspraak oplevert, gebruiken we een koppelteken (auto-onderdelen) of trema (ruïne). Bij twijfel over de spelling vind je veel woorden in het Groene Boekje.

Als het woord niet in het Groene Boekje staat, wees dan creatief. Vaak gaat het in zo’n geval om een samenstelling. Bedenk een woord met dezelfde soort samenstelling en zoek dit op in de lijst. Socialmediastrategie staat bijvoorbeeld niet in het Groene Boekje. Maar aangezien socialmediabeleid er wel in staat, mag je er vanuit gaan dat je deze beide woorden aan elkaar schrijft als één woord.

Waar gaat het mis?
Het echte probleem met de ‘aanelkaarschrijfregels’ is dat veel mensen gevoelsmatig wél een uitspraakprobleem ervaren, zeker met woorden als ‘rijijzer’ en ‘businessschool’. Maar dit probleem bestaat feitelijk niet: je kunt het woord niet anders uitspreken (behalve raar/expres). Dus schrijven we dit tóch gewoon aaneen. Filosofisch hè?

3. Enkel- of meervoud?

Is het ‘Een groep kinderen loopt voorbij’ of ‘Een groep kinderen lopen voorbij’? Waarschijnlijk weet je bij dit voorbeeld wel dat de eerste zin juist is. ‘Groep’ is immers enkelvoud. Lastiger wordt het bij zinnen als ‘10% van de Nederlanders heeft / hebben te weinig contacten’ en ‘Het merendeel van de verandertrajecten mislukt / mislukken’.

Goed opletten dus wat het onderwerp is. Oftewel: wie of wat het in de zin de persoonsvorm (het werkwoord) ‘doet’. En een groep, percentage, merendeel, gedeelte, selectie... het is allemaal enkelvoud. Waarschijnlijk snap je in theorie best hoe het zit. En is het meer een kwestie van er alert op zijn dat dit soort zinnen tricky is (zijn?). Altijd even checken dus.

4. Internationale werkwoorden

“Ik heb Sandra ge-e-maild of ze vrijdag komt barbecueën”... “Roetsjte jij zelf die heuvel af of heeft hij je naar beneden gebonjourd?”... In principe volgen we bij werkwoorden met een internationale herkomst gewoon de Nederlandse grammaticaregels. Maar de spelling is vaak niet zo vanzelfsprekend. Bij twijfel, gewoon opzoeken. Zoek in het Groene Boekje op het hele werkwoord, dan zie je de andere vormen ook. Zie bijvoorbeeld roetsjen.

5. Als of dan

Ook voor mij als Nijmeegse is het verschil tussen ‘als’ en ‘dan’ niet vanzelfsprekend. Dit heb ik bewust moeten leren. Inmiddels weet ik hoe het zit. Vergelijk je twee zaken die hetzelfde zijn? Dan gebruik je ‘als’: Jan is even groot als Piet. Bij een verschil gebruik je ‘dan’: Jan is groter dan Piet.

De verwarring zit ‘m dan nog in ontkennende zinnen: ‘Jan is niet even groot als Piet’. Jan en Piet zijn hier niet hetzelfde.. toch gebruik je ‘als’. En: ‘Jan is nooit anders dan Piet’. Hmm... hoe zit het? Negeer bij zulke zinnen de negatie en let alleen op ‘even groot’ en ‘anders’. Kortom: focus op het positieve. Succes gegarandeerd!

Gebruik je hulplijnen

Het lastige met de taalregels en -vragen is: je kunt niet alles weten. Het is vrijwel onmogelijk om alle regels voor spelling en grammatica (plus uitzonderingen) te kennen. Wat je wel moet weten is in welke taalvalkuilen jij vaak trapt. En hoe je snel je vraag kunt opzoeken.

Enkele tips:

  • Op beterspellen.nl vind je een helder overzicht van spellingskwesties plus een leuke test om scherp te blijven. Je ontvangt dan elke dag spellingsvragen per e-mail.
  • Het Groene Boekje heet officieel de Woordenlijst Nederlandse Taal. Het is een overzicht van de spelling van Nederlandse woorden. Op woordenlijst.org vind je de meeste woorden terug - plus uitleg van de regels.
  • Het Witte Boekje is de spellinggids van het Genootschap Onze Taal. Deze wijkt op enkele punten af van de officiële spelling. Verschillende media volgen het Witte Boekje. Woordenlijst: spellingsite.nu. Uitleg van de regels: onzetaal.nl/taaladvies.
  • De Schrijfwijzer is een uitgebreid naslagwerk van Jan Renkema. Op schrijfwijzer.nl vind je volop taalinformatie en -tips.
  • Taalunieversum is een taalportaal met links, taaladviezen, onderzoeken naar taalonderwijs, nieuws en agenda: taalunieversum.org.

Hulp bij taalvalkuilen

Uiteraard kun je ook bij De Huurwoordenaar terecht voor schrijfhulp, adviezen of een training spelling. Met al deze tips komt het zeker goed. Veel schrijfplezier!